De commissie Onderwijs van het Vlaams Parlement hield op 12 februari 2026 een hoorzitting over de betaalbaarheid van en het kwaliteitskader voor leermiddelen.
Vzw Krijt (een vzw ontstaan uit een samensmelting van het project ‘Samen tegen onbetaalde schoolfacturen’ en de trajectwerking van de vzw Schulden op School), de private stichting Leerpunt, De Groep Educatieve en Wetenschappelijke Uitgevers (GEWU) en academici schetsten in de hoorzitting een scherp beeld: de prijsdruk is reëel en zonder kwaliteitsvol materiaal en duidelijke spelregels blijven gelijke onderwijskansen op papier loze beloften. Structurele drempels werden in de hoorzitting blootgelegd met onder meer te late schooltoelage, gebrek aan noodvoorraad van leermiddelen, onduidelijke bijdrageregelingen,… Leerpunt presenteerde het nieuwe kwaliteitskader en een onafhankelijke labelprocedure van pre-screening tot beoordeling door een commissie van vijf experten. GEWU steunde het label en wees op de nood aan hybride middelen en de werkelijke kostenstructuur; onderzoek en ontwikkeling vergen tijd en leveren gemiddeld bescheiden marges op.
Wat leert het onderzoek achter het label?
Het kwaliteitskader van Leerpunt is gestoeld op literatuur, focusgroepen en een pilootstudie met 11 leermiddelen, en moet scholen helpen om curriculumrealisatie, leerprocessen en leraarondersteuning in balans te beoordelen. De labeluitkomst (goedgekeurd, mits aanpassingen of afgekeurd) wordt publiek gemaakt; prijs is geen criterium, maar hergebruik en licentievorm worden bij publicatie vermeld om scholen te laten vergelijken. Voor leerkrachten is er een praktische quickscan om eigen materiaal te toetsen. Ook volledig digitale middelen vallen onder dezelfde lat, met oog voor een doordachte mix papier/digitaal. Leerpunt bundelde die aanpak en onderbouwing in een afzonderlijk rapport.
Peilingen en onderzoek
Grote peilingen onder onderwijsprofessionals tonen een patroon dat allemaal in eenzelfde richting wijst. In Nederland (relevant als referentie) signaleren 2.500 leraren en schoolleiders overladenheid (“te veel stof”), gebrek aan transparantie over wat bijdraagt aan kerndoelen, een te grote digitale component en te weinig keuzeruimte door koppelverkoop. Ze vragen striktere kwaliteitscriteria vóór materiaal de markt op mag.
Die reacties rijmen met de Vlaamse keuze voor een onafhankelijk label: leerkrachten willen houvast, minder commercieel lock in en meer zeggenschap over wat werkt in hun context. “Commerciële lock in” betekent dat scholen of leerkrachten ongewild vast komen te zitten aan één uitgever, leverancier of digitaal platform, waardoor ze niet meer vrij zijn om andere, betere of goedkopere leermiddelen te kiezen.
Specifiek in Vlaanderen bevestigen recente surveydata dat de hybride route (papier + digitaal) de voorkeur heeft: 53 procent van de leerkrachten basisonderwijs kiest expliciet voor hybride, 59 procent wil ook over 5–10 jaar papieren materiaal behouden. Tegelijk vindt 85 procent dat goede leermiddelen helpen om leerdoelen te bereiken en 71 procent dat ze efficiënter laten werken — een duidelijke waardering, mits de balans juist is. Toch blijft er spanning: 48 procent gelooft dat papier (aangevuld met digitaal) de beste leerresultaten oplevert en 95 procent verwacht doorgedreven differentiatie in het aanbod.
Betaalbaarheid: waar knelt het?
De hoorzitting maakte pijnlijk duidelijk dat niet elke leerling op 1 september de nodige boeken heeft; één op vijf scholen geeft dat zelfs aan. De vzw Krijt koppelt dat aan laattijdige toelagen en te weinig structureel armoedebeleid op school. Tegelijk toont de uitgeversector dat de totale leerfactuur meer is dan boeken alleen en dat digitale ontwikkeling doorlopende kosten meebrengt. Het debat over de maximumfactuur in het secundair blijft daarom complex: wil je echte betaalbaarheid, dan moet je ook kijken naar uitstappen, hardware en licenties.
Wat betekent dit voor beleid en praktijk?
- Kwaliteit en prijs ontkoppelen, maar wél verbinden in informatie. Laat het label uitsluitend oordelen over didactische kwaliteit, maar zorg dat prijs, licentie en hergebruik zichtbaar en vergelijkbaar zijn op dezelfde plek, zodat teams een totale afweging kunnen maken.
- Versterk de professionele keuze van teams. Leerkrachten vragen houvast en minder overladenheid; het label en de quickscan bieden een praktisch kompas om methodes te kiezen of eigen materiaal te verfijnen, in lijn met inzichten uit beleids- en praktijkgericht onderzoek.
- Bewaar de hybride wijsheid. Data tonen geen “digitaal of papier”-dogma, maar een doelgerichte mix.
- De roep uit het veld voor meer keuzevrijheid en duurzaamheid (minder wegwerp werkboeken) vraagt duidelijke afspraken en transparantie.
Leerkrachten willen geen keuzestrijd tussen papier en digitaal, maar werkbare middelen die doelen haalbaar maken, differentiëren, ondersteunen en overladenheid terugdringen. Als beleid, uitgevers en scholen die richting samen vasthouden, kan elk schooljaar wél op 1 september met gelijke kansen starten.
Meer informatie vind je via deze links:
- Naar een kwaliteitsalliantie − rapport van het Departement Onderwijs en Vorming
- Verslag van de hoorzitting van het Vlaams parlement van 12 februari 2026
- Kwaliteitskader leermiddelen − website van Leerpunt
|
Jean-Luc Barbery adjunct-algemeen secretaris Wil je de auteur contacteren? Stuur hem dan een e-mail. |

