De publicatie van de PISA*-resultaten is iedere keer een hoogmis van doemnieuws voor onze pers: ‘Waar ging ons wiskundewonder naartoe?’, ‘Kan Demir een kletsnatte PISA-dweil gebruiken?’, ‘Vroegere pretpedagogie duidelijk oorzaak van slechte PISA-resultaten’, ‘Waarom veel jongens de lat niet halen? Dat kan je niet los zien van de vervrouwelijking van het onderwijs’ …
Iedereen kent de oorzaak (en de oplossing)
Ook voor de onderwijsverbeteraars en politici is het koren op de molen: iedereen kent de oorzaak van de ‘malaise’ in ons onderwijs – de pretpedagogie, de lage lat, het ‘falende’ migratiebeleid, … – én uiteraard ook de remedie ertegen.
Het rapport dat vandaag is vrijgegeven geeft weliswaar weinig reden om de champagnekurken te laten knallen, maar laten we er toch eerder met een nuchter hoofd naar kijken.
Een dalende trend, maar geen uitzondering
De situatie is inderdaad niet rooskleurig. De negatieve tendens van de laatste rapporten zet zich door. Toch moeten we dit genuanceerd bekijken. De Europese landen gaan er in het algemeen op achteruit. Slechts twee Europese landen doen het significant beter dan wij. Bovendien blijft onze positie, ondanks de achteruitgang, in het algemeen sterk.
De knipperlichten die wél zorgen baren
Anderzijds bevat het rapport een aantal knipperlichten die we niet kunnen negeren. Het aantal Vlaamse toppresteerders is gehalveerd en bedraagt nog maar 15 procent. Tegelijkertijd is het aantal laagpresteerders fel gestegen. De kloof tussen kansrijke en kansarme kinderen blijft groot. Deze laatste groep is oververtegenwoordigd bij de laagpresteerders. Drie kwart van de leerlingen uit de arbeidsmarktfinaliteit haalt het basisniveau voor leesvaardigheid niet meer.
Evolutie zegt meer dan ranking
De evolutie van ons onderwijs is een belangrijker signaal dan onze positie ten aanzien van de andere OESO-landen, want allerlei niet of moeilijk meetbare factoren kunnen verantwoordelijk zijn voor deze verschillen.
Meet PISA wel de hele kwaliteit van ons onderwijs?
We kunnen ons wel de vraag stellen of we aan de hand van deze PISA-resultaten een uitspraak kunnen doen over de algemene kwaliteit van ons onderwijs. Uiteindelijk worden slechts drie vakken getest, lezen, wiskunde en wetenschappen. Wat met spreken, luisteren en schrijven, muzische vorming, geschiedenis, technische en beroepsgerichte vaardigheden (voor leerlingen in dubbele/arbeidsmarktfinaliteit), …? Ook die vakken bepalen mee hoe goed ons onderwijs is.
De olifant in de klas: het lerarentekort
Over de oorzaken van de kwaliteitsdaling zegt het PISA-rapport niets. Zonder ons te willen meten met de onderwijsverbeteraars en politici die nu worstelen voor een plaatsje in de schijnwerpers, durven wij naar het lerarentekort te wijzen. Dit probleem bestaat al meer dan twintig jaar en is steeds acuter geworden. Hoeveel leerlingen hebben de voorbije jaren gedurende weken of zelfs maanden bepaalde lessen niet gehad? Hoeveel leerlingen hebben de voorbije jaren voor sommige vakken les gehad van een leerkracht die niet bevoegd was?
Een vertrekpunt, geen eindoordeel
Het PISA-onderzoek heeft zeker zijn verdiensten, al was het maar omdat het longitudinaal onderzoek is en het ons toont hoe de resultaten van enkele vakken evolueren in vergelijking met andere landen. Het is echter niet meer dan het vertrekpunt voor ander, diepgaand onderzoek.
Voor ons is het overigens zonneklaar dat de kwaliteit van het onderwijs staat of valt met een gekwalificeerde leraar voor de klas in een onderwijsinstelling waar men over alle tijd en middelen beschikt om de beste voorwaarden te scheppen voor kwaliteitsvol onderwijs voor iedereen. Het diepgaand onderzoek moet ook over het lerarentekort en de gevolgen ervan gaan en over de maatregelen die de kwaliteit van ons onderwijs uithollen.
Je kan het volledige PISA-rapport hier lezen.
* PISA staat voor Programme for International Student Assessment — een internationaal vergelijkend onderzoek van de OESO dat om de drie jaar de vaardigheden van 15-jarigen test op het gebied van lezen, wiskunde en wetenschappen. Het wordt afgenomen in tientallen landen wereldwijd en is bedoeld om onderwijssystemen onderling te kunnen vergelijken en evoluties op te volgen.
** PMTV staat voor Praktijk,muzische en technische vorming
|
Nancy Libert algemeen secretaris Wil je de auteur contacteren? Stuur haar dan een e-mail. |

