Met belangstelling las ik het artikel op de voorpagina van De Standaard (25/8): “Scholen perken zelf gunsten voor vastbenoemde leerkrachten in”. Eindelijk erkennen schoolbesturen en directeurs de waarde van een stabiel lerarenteam. Mooi. Maar waarom duurt het dan zo lang voor personeelsleden vast benoemd worden of het recht op TADD (tijdelijke aanstelling van doorlopende duur) krijgen?
In tijden van lerarentekort blijft het een raadsel: waarom kiezen schoolbesturen er niet voor om hun mensen zo snel mogelijk te benoemen? Een vaste leerkracht voor elke klas is toch de beste garantie op leerrecht voor elke jongere?
Kunnen we meteen ook stoppen met zeuren over het recht op TADD na één jaar en over een vaste benoeming vanaf het tweede schooljaar? Stapt men eindelijk af van de gewoonte om leerkrachten op het einde van hun eerste jaar een beoordeling met “werkpunten” te geven, net genoeg om niet aan de voorwaarden voor een vaste benoeming te voldoen? Of geldt het voordeel van een stabiel team dan plots niet meer?
Ook een TAO (verlof voor een tijdelijke andere opdracht) is meestal een doordachte keuze — de enige manier voor vastbenoemden om binnen het onderwijs van job te veranderen. Neem de voorbeelden uit het artikel: een school dichter bij huis, met minder verplaatsingstijd en lagere kosten — wie kan daar ongelijk in hebben? Eens proeven van een andere functie binnen onderwijs? In elk ambt is er personeelstekort, dus wie zich op een andere manier wil inzetten, zou je net moeten aanmoedigen. Wat is daar het probleem? Lesgeven in een school die je beter ligt: is dat niet precies de flexibiliteit waarvan schoolbesturen dromen? Of mag flexibiliteit alleen tellen als het bestuur zelf kiest? En een job buiten het onderwijs ambiëren — hoe zou dat toch komen?
Misschien beginnen we best met leerkrachten opnieuw het respect te geven dat ze verdienen. Zij staan elke dag voor de klas, zij maken jongeren weerbaar voor de wereld van morgen. Zij bieden een antwoord op de uitdagingen waarmee jongeren vandaag geconfronteerd worden. Zij — en iedereen die zijn steentje bijdraagt aan onderwijs — verdienen meer dan lippendienst.
Mijn hoop: dat achttienjarigen opnieuw warm lopen voor de lerarenopleiding en dat de job werkbaar blijft voor wie het einde van de loopbaan nadert. Alleen zo krijgt het onderwijs de plaats terug die het verdient.
|
Nancy Libert algemeen secretaris Wil je de auteur contacteren? Stuur haar dan een e-mail. |

